Contact gegevens

Stichting Oud Ridderkerk

Kerksingel 26

2981 EH  Ridderkerk

Telefoon: 0180 - 430615

Email algemeen: info@oudridderkerk.nl

 

Openingstijden:

Woensdag 13:30 - 16:30 uur
Donderdag 13:30 - 16:30 uur
Vrijdag 13:30 - 16:30 uur
Zaterdag 13:30 - 16:30 uur

 

Toegang is gratis!

Expositie Agenda.


Donateur worden?


Privacy-verklaring


 

 

In het eerste gedeelte van dit gesprek vertelde Herman van Hal over het leven in Rijsoord vlak na de Tweede Wereldoorlog, over de uitbreidingen van zijn dorp en over zijn meningsverschillen met zijn toenmalige huisbaas Van Nes.
Jij verzette je. Maar als je bij Van Nes werkte, wat dan? 'De mensen waren veel te onderdanig. Hun hoofd hing omlaag als ze voor hem stonden. Maar goed te begrijpen, 80% van de Rezoordse gereformeerden werkte bij hem. Had je commentaar? Dan gooide hij je er zo uit.
Ik ben er geweest. Het was vreselijk stoffig in de fabriek. Nee, geen bescherming tegen geluid en fijnstof. De vrouwen stonden dik aangekleed in de ruimten daar. Toen Van Nes stopte vonden de meeste mensen gelukkig werk in de scheeps¬bouw. Dat gaf ze meer vrijheid en vastigheid. Om vijf uur ging de fluit. Werkte je in de tuinbouw dan MOEST de sla er op een dag af. Dan was het hard werken van zes uur 's morgens tot laat in de avond!
Wanneer begon er echt iets te veranderen in Rijsoord? 'Ik denk na 1960 toen er nogal wat bewoners van buiten Rijsoord kwamen. Er werd steeds meer op zondag geklust en de auto schoongemaakt. Daarvoor ondenkbaar! Dat werd in Rijsoord streng afgekeurd. Echt waar, het was voor mij een cultuurschok. Maar zo ontstond er wel ruimte voor ander gedrag. En ik zag dat anderen het ook anders gingen doen. De sociale controle was er nog steeds maar die nam wel wat af. Aan die sociale controle zitten twee kanten. De ene was onderlinge hulp.
Die was altijd heel groot in Rijsoord. Men had sociaal gevoel voor elkaar. Maar de andere: het kon ook verstik¬kend zijn. Ik zou dat nu niet meer willen. Ik zei al, je verandert in de tijd. Dacht je dat ik vijfentwintig jaar geleden op zondag een restaurant in zou gaan? Nee dus. Zo was ik opgevoed. Maar nu wel hoor'.
In 1960 kwam ook de tv. De buitenwereld stroomde naar binnen. Je kreeg zicht op wat anderen dachten en deden. De eerste jaren na de oorlog was er nog feest op feest. De mensen hadden wat in te halen. Optochten, touwtrekken en hardlopen op de wei. Ik heb mijn vader nog nooit zo hard zien lopen als toen voor een pakje sigaretten!
Rond 1960 verdwenen de buurtverenigingen. Er trad verzadiging op. De kerk had nog wel greep op de mensen, grote invloed, zeker tot de jaren zeventig. Maar dan beginnen de kerken leeg te lopen. Ook het kerkelijk verenigingsleven wordt minder. Belangrijker wordt de school, je moet leren, vooruit in de maatschappij.
Buiten de kerk komt de disco op. Er zijn bandjes. Maar ook muziekgroepen, koren en bandjes binnen kerkelijk verband. Er was een soos van de gereformeerde kerk La Pipe. Dat was op zaterdagavond in De Fontein. Zowel om de jeugd te binden als om ze te sturen. Ik was toen jeugdouderling. Ik had een goed contact met de jongeren. Ze zaten eens tv te kijken. "Wat kom jij doen?", zei iemand. Jullie controleren, antwoordde ik. Toen hebben ze me op een leuke manier bij kop en kont gepakt en buiten gezet.
Haast onmerkbaar schuift 'de ruimte' in je leven verder op. Ik heb dat zelf ervaren. In de jaren vijftig ging ik naar de hervormde jeugdgroep. Die verliet ik en ging naar de gemengde groep van het CNV. Daar leerde je sociale vaardigheden. Dat gaf me ruimte om me individueel te ontwikkelen in een
veranderende maatschappij. Hoe mijn ouders daar op reageerden? Goed, het was binnen het CNV en binnen de bandbreedte van het geloof. Dan was het goed en het was ook een fijne groep om mee om te gaan'.
Dickde Winter