Vissen aan de Waal.

 

Iedereen kent het bruggetje over de Waal bij het Wapen van Rijsoord (thans Ross Lovell). Ook aan deze brug, die de Dordtse Straatweg (vroeger Koninklijke Straatweg der 1ste klasse no. 7) over het water voert, is historie verbonden. Nadat de Waal was afgedamd, werd pas in 1543 op deze plaats een brug gemaakt. Vóór die tijd heeft er vanaf 1332 een schuiteveer bestaan. In 1543 werd dit veer opgeheven en met toestemming van de landheer, de bekende Karel V, werd ongeveer op de plaats van de tegenwoordige een brug geslagen. De brug was een belangrijke schakel in een grote verkeersweg en dat werd de oorzaak dat hij er in de tachtigjarige oorlog aan moest geloven. Nadat in 1572 de watergeuzen Den Briel hadden ingenomen en steeds verder deze kant op kwamen, trokken de Spanjaarden achter de Waal terug en vernielden de brug. Het duurde acht jaren voor de brug hersteld werd door toedoen van Prins Willem van Oranje. Een zekere Aert van de Graaf nam het karwei aan voor 1450 ponden. Toen de brug klaar was overleed Aert en de som werd uitbetaald aan zijn weduwe, die inmiddels net hertrouwd was met een zekere Kaeskoper (komt hier misschien de uitdrukking vandaan: nou ben ik een hele kaaskoper). De tegenwoordige positie van de brug dateert uit 1821, toen van de straatweg een deel werd aangelegd tussen Patersendijk (peterseliedijkje) en het Tolhek, hoek Langewég-Rijsoordse Steeg. Rijsoordenaars spreken nog steeds van de oude tol die op landkaarten uit 1821 wordt aangeduid als barrière nr. 3.


De tegenwoordige Waal.


De totale lengte van de Waal is 8,10 km. De breedte verloopt als volgt: vanaf Oostendam een stuk van ongeveer 700 m van 22 m breed (het stuk, dat dichtgeslibd geweest is) en vervolgens een stuk van ongeveer 2250 m dat 70 m breed is. Het laatste stuk tot Heerjansdam, 5150 m lang, kan bogen op een gemiddelde breedte van ruim 100 m. De diepte, en dat zal de hengelaars wel interesseren, is de laatste tijd erg afwijkend geworden. Stond er voorheen nauwelijks een halve meter water, nu zijn er plaatsen van meer dan 10 meter diep. De oorzaak is, dat de Nederlandse Spoorwegen veel zand nodig hadden voor de aanleg van een nieuw emplacement te Kijfhoek.
Omdat de Waal een rivier is geweest, bevat de bodem een laag zand die hier en daar wel een dikte heeft van 10 tot 12 m. Een aannemer kreeg de opdracht het benodigde zand uit de Waal te zuigen. Bij deze werkzaamheden stuitte men in de diepte op palen die daar eeuwen gezeten moeten hebben. Palen van 7 tot 8 meter lengte, waarvan men de ouderdom echter niet vast kon stellen. Toen de palen enige tijd op het droge waren, verpulverden ze. Men verkeert in het onzekere welke dienst deze palen eeuwen geleden gedaan hebben. In het zand dat uit de Waal werd gehaald hebben amateurarcheologen (o.a. Mevrouw Fokkema, echtgenote van de hervormde predikant te Heerjansdam) vele uren gezocht naar overblijfselen uit voorbijgegane eeuwen. Inderdaad werden vondsten gedaan o.a. scherven van Romeins aardewerk, een uitgeholde boomstam en kogelpotten. Bij tuinder Rijken bekeken we gevonden scherven en horens, het laatste kennelijk afkomstig van reeën die hier vroeger geleefd hebben. Volledigheidshalve vermelden we voor de watersportliefhebbers nog dat de doorvaarthoogte van de spoorbrug, die bij Heerjansdam over de Waal gaat, 2,30 m bedraagt. De wijdte is 14,70 m. Deze spoorbrug kreeg in het jaar 1872 zijn eerste trein te verwerken.
Uit: Boele-nieuws 1961. Bronnen bij de redactie bekend.
De samensteller, juli 2018. Ger de Jong